wens eieren

Schijndelaar

Sierlijk middelgroot fazantachtig hoen dat blauwe tot olijfgroene eieren legt.

Rasbeschrijving

Dit is het ras dat als laatste in de twintigste eeuw de lijst van de Nederlandse hoenderrassen kwam versterken. Het is gecreëerd in het dorp Schijndel (Noord Brabant) met het doel een kip met een eigen verschijningsvorm en eikleur te fokken. Dit alles naar aanleiding van een lezing door R. Kazenbrood over de erfelijkheidsleer voor de leden van de plaatselijke pluimveevereniging. Na afloop van de vergadering is onder het genot van een drankje besloten een eigen ras te gaan fokken.

Bij de ontwikkeling van de Schijndelaar is gebruik gemaakt van Araucana's, voor het verkrijgen van de olijfgroene eikleur, Sumatra's, voor de sierlijke vorm en staartpartij. Australorps, voor de massa, Brabants Boerenhoen en Hollands Kuifhoen voor de kuif en witte Leghorns, voor de eiproductie.

Hieruit is een sierlijk, middelgrote fazantachtige kip ontstaan die momenteel alleen erkend is in de witte kleurslag. Het ras heeft een drierijige kam, een laag op de kop geplaatste kuif die de schedellijn volgt, oranje tot oranjerode ogen en gele loopbenen. De staart is rijk bevederd en wordt ongeveer horizontaal gedragen.

Marans; De kip met de gouden eieren. Zo worden de Marans in Frankrijk ook wel genoemd.

De Marans is waarschijnlijk het meest speciale hoenderras ter wereld. Zijn bijzondere kleuren en zijn overige eigenschappen (groei snelheid en vleeskwaliteit). En natuurlijk niet te vergeten de zeer speciale eieren.

Het ras is zeer gemakkelijk om te houden en geschikt voor zowel in een ren en in kleinere ruimtes en zowel loslopend. Het zijn geen fanatieke krabbers die de hele tuin op zijn kop zetten ze zijn rustig en vertrouwelijk in de omgang ook met kinderen. Ook de dieren die voor de tentoonstellingen worden gehouden kan je gewoon loslaten lopen want de lichte voetbevedering beschadigd niet zo snel. Als je een toom Marans ziet rond scharrelen zie je de forse trotse haan die als een koning over zijn dames waakt waarbij echter totaal niets aan zijn waakzaamheid ontsnapt. De hals en zadelbevedering van de haan is rijk en lang. De stevige staart is wordt onder 45° gedragen. De Marans heeft niet te grote vleugels, die horizontaal gedragen worden. Het loopbeen en de buitenste teen is aan de buitenzijde licht bevederd. De kleur van de poten is vleeskleurig wit maar de Roodkoperzwarte mogen een grijze of donkere aanslag hebben. Het gewicht van de haan is van 3,5 à 4 kg en van de hen 2,6 à 3,2 kg. De vlieghoogte van de Marans is 1 à 1.20 m.

De marans worden broeds en brengen zonder problemen hun kuikens groot.

eieren:

De eieren van de Marans zijn iets speciaals. Ze hebben prachtige bruine, donkerbruine, roodbruine en mahonie kleurige eieren maar helaas geven niet al de Marans deze schitterende eieren. Deze eieren hebben een zeer dikke schaal en vliezen welk de uitkomst van de kuikens niet ten goede komt.

Daar staat wel tegenover dat de eieren eens zo lang vers blijven dan andere eieren, ook de smaak blijft veel beter behouden door de dikkere vliezen en de donkere schaalkleur werkt hierbij gunstig omdat daardoor geen invloed is van het licht in het ei en de ziekte kiemen niet door de dikkere schaal en vliezen in het ei dringen en door een Maransei kun je geen salmonella krijgen deze bevatten die bacterie niet verder bevatten ze bijna alle vitaminen en ook nog jodium wat door de kip zelf aangemaakt wordt en deze aanmaak heeft totaal niets met het voer van de kip te maken.

Jodium is zeer goed en dit heeft je lichaam echter nodig voor een goede werking van je schildklier.

De Marans leggen ongeveer 180 tot 225 bruine eieren in een jaar zomer en winter leggen ze door, hoe ouder de dieren hoe groter de legkracht.

Ouder Marans hennen leggen eieren van 70 tot 80 gram en soms nog zwaarder.