chabo

Karakter
De Chabo is van origine een Japans en zeer oud ras (enige duizenden jaren). De Chabo is een rustig kippenras met veel ronde vormen. De Chabo’s hebben aardige en een zeer mildkarakter, ze zijn makkelijk tam te krijgen en zijn ook heel kindvriendelijk. Daarnaast kan de Chabo een schitterende paringsdans opvoeren en kraait hij niet zo luid. De kleine eitjes zijn lekker. De Chabo is echt een ras voor liefhebbers!
Uiterlijk 
Verder heeft de Chabo een grote, rechtopstaande staart met rijke sierbevedering. De kam is t.o.v. de kop relatief groot. De Chabo is in ons land erkend in vele kleurslagen. De Chabo’s kunnen uitstekend vliegen, tot wel 150 cm hoog. Een Chabo moet vooral klein zijn en daarbij moet het dier korte dikke benen hebben. Door deze korte benen lijkt het net of de Chabo geen beentjes heeft en lijkt het of ze niet lopen maar schuiven. 

Chabo's behoren droog en tochtvrij te zijn gehuisvest. Als indicatie voor de behoefte aan ruimte is een oppervlakte van ten minste één vierkante meter voor een haan en twee hennen de minimum maat. De voorzijde van het hok is, als het mogelijk is, naar het zuiden gericht.

Het is zaak de bodem van het kippenhok redelijk schoon en ten minste goed droog te houden. Geldt dit al voor alle kippen in het algemeen, voor Chabo's geldt het in het bijzonder, omdat zij met hun korte pootjes 'laag bij de grond' leven en zij het anders, vooral 's-winters, maar zwaar te verduren zouden hebben. Sommige mensen gebruiken voor een klein hokje met één trio vaak oude kranten die om de dag of om de paar dagen verwisseld worden. Op zich is dat een goed systeem, maar dikwijls beginnen de krieltjes als blije peuters enthousiast de kranten in duizend stukjes te scheuren en gevreesd mag worden dat er ook af en toe een stukje krant wordt opgepeuzeld. Wie verzot is op drukinktresten in zijn ei bij het ontbijt moet daar dus vooral mee doorgaan. Mensen met andere voorkeuren zullen willen omzien naar een alternatief. Daarom wordt algemeen geadviseerd houtkrullen of houtmot als bodembedekking te gebruiken. Zand strooien en dan geregeld zeven, lijkt een goede oplossing voor mensen met een zuinige aard, maar zij zullen nooit mogen vergeten dat bij een eventuele parasitaire besmetting het ongedierte er niet zal worden uitgezeefd en hun dierenarts zal hen dan vaak en handenwrijvend begroeten.

Vanzelfsprekend wordt er ook op gelet dat er een goede luchtverversing in het hok is, maar zorg er wel voor dat het niet tocht.

Een zitstok wordt zeer gewaardeerd. Mensen met Chabo's die vrijelijk in de tuin worden gehouden, zien hun dieren als ze niet hun hok ingaan tegen zons- ondergang altijd de bomen opzoeken. Een zitstok heeft bovendien het voordeel dat bij kou de dieren niet op de grond hoeven te overnachten. Een bakje met wat hooi waarin de hennen hun eitjes kunnen leggen, completeert het geheel.


Een zeer bruikbaar alternatief is trouwens een (oude) plastic emmer waarin aan de zijkant een opening is uitgesneden, zodat de hennen er gemakkelijk in- en uit kunnen stappen. Niet alleen is een emmer goed te reinigen, ook broeden de hennetjes bij voorkeur in zo'n emmer hun eieren uit. Als dan de eieren zijn uitgekomen, moet er wel op gelet worden dat na een dag of twee ook de kuikentjes erin slagen de emmer te verlaten. Zonodig zal dan de emmer voor een laag bakje plaats moeten maken.